Spring naar bijdragen

Blogs

Onze blogs

  1. 5926c9c0cb0ef_NPORadio5.png.8a17d07045054e0f617c60a6fca10e31.pngManuëla Kemp en Henkjan Smits presenteren een nieuw radioprogramma: De MAX! Dit programma van Omroep MAX wordt vanaf 1 januari iedere werkdag tussen 18:00 en 20:00 uur uitgezonden op NPO Radio 5.


    De MAX! is een programma met de beste muziek uit de afgelopen zeven decennia, met de nadruk op de jaren 60, 70 en 80. Kemp en Smits gaan iedere dag op zoek naar de beste plaat bij ‘het gevoel van de dag’, ontvangen actuele gasten én er komen bekende bands live optreden.


    Manuëla Kemp is momenteel op NPO Radio 5 te horen als een van de presentatoren van Wekker-Wakker!. Vanaf januari zal Jeroen van Inkel deze plek overnemen in de ochtend. Smits en Kemp zullen in de studio bij De MAX! worden ondersteund door Fred Siebelink, die onder meer bekend werd als de sidekick van dj Rob Stenders.


    Smits: "De MAX! is een programma waar de liefde voor muziek van af spat". Kemp: "En dat alles onder het motto‚ het is zes uur, zet je radio op De MAX!". Ook MAX-directeur Jan Slagter is blij met het nieuwe programma: "Manuëla Kemp en Henkjan Smits hebben een geweldige chemie, die al te zien was tijdens De Evergreen Top 1000. Ik kijk ernaar uit om hen samen in 1 programma op de radio te horen.“


    De MAX!: vanaf 1 januari 2018 iedere werkdag van 18.00 tot 20.00 uur op NPO Radio 5

  2. monique18In de "De Historische Zaterdagmiddag Gebeurtenis" op Radio Extra Gold zijn zaterdag de Veronica Top 40 en Tipparade te beluisteren van week 50 in 1985. Iedere donderdag is voormalig Radio Mi Amigo DJ Frans van der Drift live te horen vanuit Rotterdam. En iedere zaterdag en zondag om 9 uur een historisch programma van één van de zeezenders. En zondagmiddag om 15 uur een nieuwe aflevering van het programma "Zout Water", gemaakt door voormalig zeezender DJ Ad Roberts. Gevolgd door een nieuwe aflevering van "Pirate Gold".

     

    Lees verder...

     

  3. hans knot
    Laatste artikel

    Door hans knot,

    Het was in 2014 dat deel 1 van de triology ‘Life and Death of a Pirate’ uitkwam en ruim drie jaar later liggen alle drie delen, samengebonden in een prachtig boek op de tafel om te worden gerecenseerd. Een boek over het persoonlijke leven van Reginald Calvert en zijn familie, het leven in de muziekindustrie en niet te vergeten zijn betrokkenheid binnen de zeezenderwereld in de eerste helft van de jaren zestig van de vorige eeuw. Susan Moore is de dochter van Reginald en Dorothy Calvert en heeft de triologie als een roman geschreven met daarin vooral het ware en tevens trieste verhaal. Reginald was een persoon die tal van beroepen heeft gehad, van snoepverkoper, radio en televisiemonteur, het runnen van ballroomdances, managen van vele popgroepen en het runnen van een radiostation tot het moment hij slachtoffer van concurentie werd.

     

    Vaak was Reginald in zijn manier van werken snel verveeld en pakte hij weer iets nieuws aan waarna zijn vrouw de brokken mocht ruimen. Susan gaat dan ook in het boek niets uit de weg. Ze verhaalt over de toch wel dominante houding van een man die eigenlijk zijn vrouw geen ruimte gaf. Als voorbeeld noem ik het gegeven dat Dorothy het beste voor het gezin voorhad en graag een betere woning wenste. Er viel niet over te praten. In zijn getrouwde jaren blijkt Reginald diverse verhoudingen te hebben gehad die hij heel goed kon afschermen totdat hij na een verhouding van ruim 3 jaren met de door hem begeleidde zangeres Carol met de billen bloot diende te gaan daar hij het niet langer verzwijgen kon tegenover zijn vrouw Dorothy. Het betekende een gescheiden leven gedurende een aantal weken maar hij werd weer in genade aangenomen.

     

    Calvert kocht een enorm groot huis ‘Cliffton Hall’ deels voor de familie en deels de jongens van zijn band onder te kunnen brengen en niet veel later hoorden ze dat het oude huis geheel was afgebrand inclusief de ruimte was Dorothy haar eigen bedrijf runde. Ze ging zich intensiever bemoeien met de management en meer rond de groepen van Reginald.

     

    Deel 1 van het boek gaat verder voornamelijk over de tijd dat Reginald en Dorothy zich vooral bezig hielden met het managen van de diverse beatgroepen en het organiseren van ballroomdances op diverse locatie in een deel van zuid- en midden Engeland. Uiteraard met veel leuke herinneringen, problemen met leden van de groepen, uit de hand lopend vuurwerk en pogingen tot het maken van hits. Niet te vergeten dat Reginald er in slaagde zijn groepen ook deels onder te brengen met contracten in Duitsland en hij nieuwe groepen contracteerde die later grote naam en faam zouden maken, zoals Screaming Lord Sutch, The Fortunes en Pinkerton’s Assorted Colours. Dit alles op een heerlijke en soepellopende manier beschreven over de periode die liep tot en met 1963. Uiteraard komt de oprichting, samen met Terry King, van King’s Agency – gevestigd in 7 Denmark Street – aan bod.

     

    Laten we eens kijken wat er in deel 2 van het boek zoal valt te beleven. Bijvoorbeeld werd op 21 maart, de dag voor Pasen, in Loughborough een eigen club geopend in een voormalige bioscoop en het leek erop dat de financiële situatie van de Calvert’s de goede kant op kon gaan. Bovendien werd een nummer, van The Fortunes, plotseling intensief gedraaid op een nieuwe radiostation, Radio Caroline. Reginald die er altijd van had gedroomd een eigen radiostation te kunnen beginnen, werd diverse malen door Dorothy gewaarschuwd dat ze daarvoor geen geld hadden, maar Reginald ging, als zo vaak, zijn eigen gang om zijn vrouw en zakelijk partner later de puinhoop te laten opruimen. Hij had daarbij een maatje gevonden in een van zijn artiesten, David Sutch, waarmee hij vele uren sprak over het onderwerp ‘Pirate Radio’  en ondanks de waarschuwingen van Dorothy zijn eigen wil doorzette en een stunt samen met David Sutch bedacht dat leidde tot veel publiciteit en bovendien een radiostation met vooral veel muziek van David Sutch en zijn begeleidingsgroep The Savages.

     

    Wat volgt waren twee boottochten vanuit South end on Sea, waarbij Reginald ondermeer op de eerste tocht, zeer tegen de zin van Dorothy, beide dochters meenam die behoorlijk zeeziek enkele uren later terugkwamen. Niet veel later zou Reginald andermaal de zee op gaan voor inspectie van Knock John Towers en Shivering Sands, de Maunsel Towers die in opdracht van de overheid in de Tweede Wereldoorlog werden gebouwd en geplaatst. Een ideaal onderkomen voor een radiostation. Een derde boottocht, vanuit het centrum van London via de Theems naar internationale wateren was met de MV Cornucopia om het toekomstige radiostation Radio Sutch te promoten.

     

    Vanaf dat moment, op pagina 182 van het uitermate interessante en zeer goed leesbare boek ‘Life and death of a pirate’ van Susan K. Moore begint het radioavontuur van Reginald Calvert dat uiteindelijk zijn dood zou betekenen. In de daarop volgende hoofdstukken wordt je door de geschiedenis van Radio Sutch en Radio City en nog eens 300 pagina’s heengetrokken en leest het verhaal alsof het gisteren allemaal gebeurd is. Zondermeer is dit boek de moeite van het aanschaffen waard en is in mijn gedachte het beste boek dat sinds jaren op het gebied van de geschiedenis van de zeezenders is gepubliceerd.

     

    5a2eecdd36c9f_lifeanddeath.jpg.cc2af57fdb5ea3f3a797edd4379997a9.jpgLife and Death of a Pirate

    Auteur: Susan K. Moore

    474 pagina’s; rijkelijk geïllustreerd

    Hard gebonden

    ISBN 978-0-9515116-6-4

    Fillongley Publications CV7 8PB

    http://www.susan-moore.co.uk/books-by-s-k-moore.php

    https://www.amazon.co.uk/LIFE-DEATH-PIRATE-S-Moore/dp/0951511661/ref=sr_1_12?s=books&ie=UTF8&qid=1513023116&sr=1-12&refinements=p_27%3AK.+Moore

     

     

     

     

     

    Hans Knot, december 2017.

     

     

     

     

  4. hans knot
    Laatste artikel

    Door hans knot,

    In deze nostalgische column ga ik ver terug in de tijd. In de maand april 1963 was het drie jaar geleden dat Veronica voor het eerst in de ether was gekomen en in de weken vooraf werd er in tal van kranten andermaal positief bericht over de activiteiten van het radiostation. Aangenomen mag worden dat de journalisten, die Veronica destijds in het zonnetje hebben gezet, dit hebben gedaan op uitnodiging van de leiding van Radio Veronica. Allereerst maar eens naar de ‘Haagse Post’ van 13 april 1963 waarin het platenteam werd voorgesteld onder leiding van de toen 32-jarige Tony Vos: “Het is mijn taak onze tijd zo goed mogelijk te verkopen aan de sponsors. Dat betekent dat we onze programma’s zodanig aanpassen aan de smaak van het publiek, dat heel het land binnen een half uur iets naar zijn zin heeft kunnen beluisteren. Nu, dat doen we niet, want dat is godsonmogelijk.”

     

    5a26a39305b3a_19630800Veronica.thumb.jpg.f37e78bb7aa7aa6e1975f78730fa80c4.jpgVos ging in de tijd vooral door het leven als een bekend jazzmusicus en smalend werd onder de jazzliefhebbers wel gesteld dat Tony Vos ‘de Zangeres Zonder Naam’ mocht opzetten op de draaitafels van Radio Veronica. Vos: ‘De persoonlijke voorkeur geldt niet meer als je hier de voordeur achter je hebt dichtgeslagen.’ Bij de studio van Veronica werden in die dagen gemiddeld 500 brieven per besteldag door de PTT afgeleverd. In de ochtenduren werden dezen gesorteerd door een gepensioneerde zeeman, die ‘Oom Piet’ door het personeel werd genoemd. Daarna bracht hij ze naar de diverse platendraaiers, die ervan overtuigd waren dat ze met hun populariteit die van de zuilen zouden gaan overtreffen. ‘De Haagsche Post’: ‘Wat de jongeren betreft werd daarvan het sprekend bewijs geleverd door populariteitsverkiezingen, waarin de eerste drie plaatsen werden ingenomen door Veronica programma’s, al komen we nog steeds protesten tegen, daar storende reclame 10 tot 15% van de zendtijd is.’

    Tineke vragende over de luisterpost stelde ze triomfantelijk: “We komen deze maand óók aan de miljoenste brief van de luisteraars toe”. Er werden ook door steeds meer grotere en bekende bedrijven gebruikt gemaakt voor het kopen van de reclamezendtijd op het station, waarvan een groot deel in die dagen werd opgenomen, al dan niet in een gesponsord programma, bij het Productiebedrijf van Benny Vreden, dat gevestigd was in Loosdrecht. Vreden in ‘de Haagsche Post’: “Wij zijn eigenlijk een muzikaal reclamebureau, we specialiseren ons dus op de jingles, waarmee de programma’s beginnen en eindigen. We gaan praten met het bureau of het bedrijf dat ons de opdracht gaf, en dan proberen we onze programma’s zoveel mogelijk aan de bestaande campagnes aan te passen.” Vreden’s jingles en commercials, destijds tot stand gekomen met behulp van lang niet altijd freelancers, gezien ook een groot deel van de medewerkenden in vaste dienst was bij één van de omroepen, deelden hun bekendheid met andere reclamespots gemaakt door ondermeer het productiebedrijf van Thijs Chanowski.

     

    De journalist van de ‘Haagse Post’ eindigde tot slot met informatie rond de toen 22-jarige dienstplichtige soldaat 41.01.07.193, die het 3 jarig bestaan niet kon meemaken wegens dienstplicht: “Ik moet poetsen, ik zou liever de plaat poetsen.” Afsluitend schreef dezelfde journalist dat Joost de Draayer inmiddels een historisch document aan het schrijven was met als titel: ‘Het logboek van een piraat’, met als ondertitel: ‘de avonturen van een niet zeewaardig mens’. Na zijn diensttijd gaat hij, ook al gesponsord, naar New York om reclamepsychologie te studeren. Hij hoopt hier terug te keren als commerciële televisie een feit is.’

     

    1963-08-xx_01_Muziek_Express.thumb.jpg.809e75f170c212f41e2f2f913e5b549e.jpgEen ander uitgebreid artikel verscheen op zaterdag 27 april 1963 van de pen van Han J.A. Hansen, in ‘de Volkskrant’, waarbij de kop voorlopig alles zeggend was voor het station: ‘Radio Veronica buiten schot van dit kabinet.’ Het bleek dat de voorlopige conclusies van de departementale juristen zouden blijven liggen totdat een volgende regering aan de macht was. Minister Korthals, destijds verantwoordelijk voor het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, had in december 1962 aan de Tweede Kamer meegedeeld dat wettelijke maatregelen tegen Radio Veronica in voorbereiding waren. De juridische problemen waren echter te ingewikkeld gebleken om een waterdichte regeling te construeren voor een direct en effectief ingrijpen tegen exterritoriale radiostations. En dus hadden de deskundigen de regering geadviseerd te wachten, want een aanpassing van een wetsbepaling, waarbij het exploiteren van zendinrichtingen, ook buiten het eigen grondgebied, diende te worden getoetst aan internationale afspraken als wel er dan ook tegelijkertijd een wijziging van het Wetboek van Strafrecht diende te worden geregeld. ‘De Volkskrant’: ‘Op het ministerie van Justitie is men al tijden doende om het wetboek op dat punt te laten aanvullen, onafhankelijk van een eventuele regeling tegen de piratenzenders.’

     

    Verder ging men in op de goede handelshanden van Dirk Verweij en zijn broeders, bijgestaan door een aantal aandeelhouders: ‘Zijn eigen vistuig in de ethergolven zorgde voor een rijke buit. De laatste jaren maakt Radio Veronica, naar verluidt, een omzet van ongeveer 8 ton per maand met de verkoop van zendtijd. Het aanvankelijke gokje van de Hilversumse kousenhandelaar groeide uit tot een formidabele onderneming. Fiscaal voldoet hij aan de verplichtingen. De totale exploitatiekosten worden geschat op ongeveer 60.000 gulden per maand. Ingewijden zeggen, dat de aandeelhouders jaarlijks acht maal hun geïnvesteerde kapitaaltje kunnen opstrijken.’

    De journalist van ‘de Volkskrant’ vroeg zich af waarom er dan geen wetsvoorstel werd gemaakt, waarin opgenomen dat het bedrijven van activiteiten aan land voor een zeezender strafbaar kon worden gemaakt. Immers wist iedereen dat de programma’s in Hilversum werden opgenomen en werd wijds in krantenartikelen gesproken hoe de bevoorrading vanuit de haven van Scheveningen plaats vond. ‘Ingrijpen aan die zijlijn zou een spaak kunnen betekenen aan het Veronicawiel.’ Hij had zijn contacten in Den Haag daarover vragen gesteld maar kreeg een ontkenning te horen: ‘Voor het algemene rechtsgevoel zou het een onbevredigende en kromme redenering zijn als men zou zeggen: “Ik kan niet rechtstreeks ingrijpen, daarom pak ik haar maar van een zijlijn.” Dat zou het beginsel van een behoorlijke rechtstoepassing ernstig aantasten.’ Een volgende keer meer over dit onderwerp.

     

    Foto en illustratiemateriaal: Max Lewin collectie.

     

    Hans Knot, 09-12-2017

     

  5. Jos van Vliet bracht zijn jeugd door in Den Haag op de grens met Rijswijk. Al op vroege leeftijd was hij geïnteresseerd in de muziek. Maar hij deed meer want tijdens zijn MULO jaren was hij voorzitter van de fanclub van de Crazy Rockers en vervolgens ook nog eens voorzitter van de Federatie van Nederlandse Fanclubs.

     

    59fe382fdd0f4_12026josvanvlietcolllook.jpg.72d5f2b876390571fb91fd0cc4efcd88.jpg.010a37131686c81af0c3f4d4443b6899.jpgNa zijn schooltijd zat hij op kantoor van een apparatenfabriek en werd op 19-jarige leeftijd, in 1966, manager en producer van de Tielman Brothers. Het nummer ‘Little Bird’ werd door hem geproduceerd en behaalde de nummer 4 plaats op de Nederlandse hitparade. Hij woonde toen ook even in Duitsland waar de Tielman Brothers veel optraden.

     

    In die periode werd hij ook ziek wat hem bijna fataal werd. Tijdens de herstelperiode werd hij gebeld door Skip Voogd en die vertelde hem over een nieuwe Nederlands zendschip welke naast het Radio Veronica Nederlandstalige uitzendingen zou gaan verzorgen en vroeg of hij er misschien aan mee wilde doen. Jos van Vliet in 2004: “In Hotel Polen, in Amsterdam, wat later afgebrand is, heb ik een stemtest gedaan met ondermeer het inspreken van een commercial voor  ‘Pepsi refreshes your taste’ en vervolgens kreeg ik de boodschap je hoort nog van ons.”

     

    Jos van Vliet (foto collectie Look Boden)

     

    Rond die tijd diende hij ook eigenlijk in militaire dienst te gaan, maar dat werd het niet, want  hij werd wel aangenomen als DJ bij Radio Dolfijn, het station dat werd bedoeld als nieuwe naast Radio Veronica. Jos: “De eerste keer dat we in Engeland aankwamen dacht de douane dat we een bandje waren en dat we in Liverpool wilden gaan optreden. “Heb je geld bij je waar ga je naartoe” vroegen ze – ik vertelde ze dat ik naar New Castle ging - ik heb daar nog iemand waar ik geld van krijg. Na ruim een uur hebben we uiteindelijk toch verteld dat we naar een piratenschip gingen en toen hebben ze nog op een briefje geschreven welke nummers ze wilden horen en wanneer we dat zouden uitzenden.”

     

    Bij Radio Dolfijn had hij ondermeer het programma ‘Caroussel’ wat dagelijks van 18.00 tot 19.00 uur met muziek van Nederlandse artiesten werd uitgezonden. Commercials werden in het kleine studiootje gemaakt met hoofdzakelijk Herb Alpert muziek. Jos zat live in het programma toen de mast op 28 februari 1967 in een razende storm afbrak. Jos was station manager en was verantwoordelijk voor de DJs. Onmiddellijk rende hij naar de hutten van de DJ’s en riep: “Look (Boden) ligt nog in bed” en zag dat deze na zijn entree slaperig zat te kijken - hij moest er als de sodemieter uit want men was bang dat de mast door het schip zou slaan.

     

    De jonge kapitein Lukehurst had wel zijn papieren maar had nog nooit echt gevaren en was heel nerveus. Hij zei dat men vanuit het hoofdkantoor aangaf dat er vier opties waren waar we heen dienden varen – om 4 uur moesten we weg aldus Lukehurst. Jos: “Tenslotte gingen we naar IJmuiden, wat ik jammer vond, want Spanje was ook een optie en dat zag ik wel zitten.” – Lukehurst ging de rollen verdelen – “ik moest de wacht van 8-12 uur doen”

     

    Er diende eerst nog een ton met een kabel eraan gelegd worden i.v.m. de aanduiding van de plaats van het anker en bij het wegvaren werd de kabel kapot gevaren omdat het roer het begaf – Jos: “gelukkig mocht ik na mijn shift nog even in de hut van de captain slapen. De motor werd gestart en we gingen varen met een semi automatisch roer, wat het prompt begaf vanwege de ankerkabel en waardoor het sturen zeer zwaar werd.”

     

    Jos heeft dat wel gevoeld – weken lang heeft hij er een behoorlijke spierpijn aan overgehouden. “Ook Dave McKay (David Gilbee), de programmaleider van Britain Radio, was nog aan boord, samen met o.a. de kok Jacques Wells en de machinist”. In Zaandam, waar het schip gerepareerd werd, heeft Dave al de jingles van het nieuwe station Radio 227 ingesproken en gemonteerd. Toen was er al beslist dat Radio Dolfijn Radio 227 zou gaan heten en dat het het eerste Nederlandse popstation zou worden. Tegelijkertijd zou Britain Radio omgedoopt worden in Radio 355. Jos vond het jammer dat ze langs het Veronica schip waren gevaren zonder dat hij het had gezien…hij lag toen net te slapen.

     

    59fe382f7ed72_12025dolfijnteamcollectielookboden.jpg.c7ee4bad2031150fcd1b95f8707bac0d.jpg.ca389f37dd71b489f9ba52a1d96d35cd.jpgDeel van het Radio Dolfijn team 1966 (foto collectie Look Boden)

     

    Dat de ontvangstkwaliteit van de zender in het begin nog vrij slecht was, was duidelijk toen zelfs Look zijn ouders bij Jos zijn ouders in Den Haag gingen luisteren. Na zijn periode bij Radio Dolfijn verhuisde Jos van Vliet naar Radio Veronica als nieuwslezer – Jan van Veen was toen stationmanager en Eddy Becker ging van boord – “Jan vroeg of ik omroeper wilde worden – dat was een jongensdroom – en heb dit van mei tot en met oktober 1967 gedaan”

     

    Jos is toen weggegaan omdat de deining op het schip veel erger was dan op de Laissez Faire, het schip van Radio Dolfijn. In de tussentijd was hij ook manager geworden van de groep Daddy’s Act waarbij de leadsinger Jo(hn) Kleerenkoper was, later bekend geworden als David Alexandre Winter, welke een gigahit had met ‘Oh lady Mary’. Ook zijn dochter Ophélie is een megaster in Frankrijk. Op een gegeven moment vroeg de platenmaatschappij CNR hem of hij een productie/promotieteam wilde starten.

     

    Jos: “Ik was altijd zeeziek, dus ik was blij dat ik van boord kon en me bezig kon gaan houden met artiesten. Ik ben toen publiciteitsmanager geworden bij CNR, waar ondermeer het label Barclay met haar onderlabel Riviera bij uitgebracht werd en ontdekte dat Johnny dezelfde David Alexandre Winter was. Tegelijkertijd draaide hij als DJ ook nog in Tiffany’s. Jos heeft nog wel lang de Veronica Drive-inn shows gedaan (dat betaalde lekker) – bij CNR veel artiesten begeleid zoals de Poppys – Mireille Matthieu – Dalida –– Edwin Hawkin Singers – Heintje – Gert en Hermien – Trio Hellenique – Peter Maffay en is geregeld op stap geweest met Melanie.

     

    Annecdote: “Ik diende altijd op te draven als Melanie naar Europa kwam – ik moest haar ophalen met een taxi die dan achter de bus aan reed, want dat vond ze chique. Op een gegeven moment heeft ze tegen mij gezegd: ik heb een leuk cadeau voor je, mocht er ooit een poster van mij in Nederland uitgebracht worden, dan ben jij de rechthebbende daarvan. Enige tijd later loop ik ergens in Hulst in een posterwinkel en zag daar een poster van Melanie van Verkerke – ik heb hem 6 weken later met het contract wat ik met Melanie had, geconfronteerd, waarop mijnheer Verkerke halsoverkop een cheque uitschreef van 2500 gulden – een Godsvermogen voor mij – hij vroeg of dat goed was. Ik ben juichend naar de eerste beste bank gerend en de cheque geïncasseerd. Het was een leuk verjaardagscadeau. Thanks Mel”.

     

    Na 5 jaar kreeg Jos ruzie en is vertrokken. Jos werd daarna publiciteitsmanager bij de Spaanse spijkerbroekenfabrikant Lois.

    Niet veel later verloor zij eerste vrouw aan kanker en bleef achter met zijn dochter Mirna en  zoon Rik. Hij had inmiddels een reclamebureau en verkocht dat in 1990 en vertrok naar Curaçao. Daar heeft hij 6 jaar gewoond. De radio kon hem niet loslaten en presenteerde een sportradioprogramma op de zondagochtend.

     

    Daarnaast heeft hij de financiële pagina opgezet van de krant Amigu en raakte bevriend met Mark en Eva van der Valk. “Mark vroeg mij de vergaderingen te bezoeken en ik kreeg al snel de bijnaam Jos van der Valk. In een vlaag van verstandsverbijstering kocht ik ook een keer 50.000 meter grond, heb er 59 huizen opgezet en het is een mooie woonwijk geworden: Santa Rosa Resort.”

     

    Op een moment vroeg Herman Heinsbroek hem directeur te worden van Arcade. Dat werd een ramp; hij moest dagelijks van Amsterdam naar Nieuwegein rijden…files, koud en het personeel was dramatisch. “Ik was gewend aan een bedrijf met een goede secretaresse, maar hier moest ik zelf mijn koffie gaan halen. Na 3 maanden ben ik ermee gestopt. “Maar daarvoor, één dag voordat ik naar Holland vertrok heb ik Marieke ontmoet. Ze is purser bij KLM, we zijn getrouwd en hebben een prachtige zoon Mees gekregen. Voor haar werk moest ze meerdere talen leren. Toen hebben we eerst 8 maanden in Spanje gewoond en daarna zijn we voor haar Franse taal naar Frankrijk verhuisd. Formeel woonden we nog in Amsterdam, maar na een proeftijd van 6 maanden hebben we besloten vast in Frankrijk te gaan wonen. Ik werd huisman. Eerst hebben we twee jaar een appartement gehuurd en is onze zoon naar Franse school gegaan en toen bij Nice een huis gekocht.”

     

    Jos kwam geregeld in Nederland, voor familiebezoek en voor de Stichting Wereldouders, waar hij ambassadeur voor was. Jos had zijn muziekverleden achter zich gelaten en hield tot aan zijn dood alleen nog van de Dancemuziek – want dat vond hij te gek – en had dus ook niets meer met de muziek van Radio Dolfijn.

     

    Zijn leven ervoer hij als een jongensverhaal – daar heeft hij veel plezier van gehad. Jos van Vliet werd geboren op 12 maart 1946 in Hilversum en overleed 10 mei 2013 in zijn Franse woonplaats Roquefort Les Pins.

     

    Dit was Jos zijn eigen verhaal: in 2004 was hij te gast bij Radio 227 in het programma Laissez Faire met ondergetekende Look Boden.



×